politiek economie literatuur Français
kunst politiek stel uw vraag nieuws Français
 


Situering
   
  • Inhoudslijst

    Programma-punten

    Actualiteit


  •  
    POLITIEK


     
    'Schild en vriend'

    Mark EYSKENS

    De Amerikaanse president George W. Bush laat er geen twijfel over bestaan: de Verenigde Staten zullen een rakettenschild - national missile defense of NMD - uitbouwen met de bedoeling het grondgebied van de Verenigde Staten te beschermen tegen raketaanvallen van buitenaf, volgens de president afkomstig van zogenaamde 'schurkenstaten'. Het Amerikaans initiatief, dat trouwens niet helemaal nieuw is want het ligt in het verlengde van het SDI of 'star wars'- program van president Ronald Reagen, heeft heel wat commotie verwekt in de westerse hoofdsteden en vanzelfsprekend ook in Kremlin en China. Het Amerikaanse plan wordt niet zelden afgedaan als het zoveelste bewijs van de arrogantie van de enige supermogendheid, die in de wereld over is gebleven. Bovendien wordt door de critici gewezen op de kolossale kosten van het uit te werken beschermingssysteem en de waarschijnlijkheid dat het nooit echt efficiënt zal functioneren. Daarenboven wordt gevreesd voor een nieuwe bewapeningswedloop, vooral door landen die zich strategisch gemarginaliseerd zullen voelen zoals Rusland en China. In kringen van de Europese Unie wordt ook gefluisterd dat de Amerikanen volop bezig zijn hun strategische verantwoordelijkheid ten aanzien van Europa af te bouwen (decoupling) en zich toeleggen op de verdediging van het eigen territorium. Des temeer omdat zij helemaal niet opgezet zijn met de Europese initiatieven in verband met de uitbouw van een Europese gemeenschappelijke defensiepolitiek en de oprichting van een 'rapid reaction force'. Inmiddels heeft de Amerikaanse president reeds laten weten dat hij bereid is met de Europese NAVO-partners overleg te plegen over National Missile Defense, een formulering waarin hij, paaiend, het uit adjectief 'national' weg heeft laten vallen, om nog enkel te spreken van zijn Missile Defense-initiatief. Daarbij sloot hij niet uit dat vormen van joint venture niet onbespreekbaar waren.

    De sterk negatieve houding, onder meer vanwege Frankrijk en de linkse en centrum-linkse partijen in Europa, zijn meestal ingegeven door traditioneel anti-amerikanisme en de vrees dat een Europese deelname aan NMD verreikende en onpopulaire budgettaire gevolgen zou kunnen hebben. Ook wordt gesteld dat vooral industriële lobby's in de VS achter het plan staan. Daarbij komt dat volgens de critici van het Amerikaanse voornemen er momenteel helemaal geen nucleaire bedreiging bestaat omdat de zogenaamde schurkenstaten (Irak) technisch-militair niet in staat zijn westerse landen te treffen en omdat het moderne terrorisme andere middelen gebruikt, die wellicht gevaarlijker zijn, dat het afvuren van raketten, namelijk aanslagen met zelfmoordcommando's en eventueel de verspreiding van middelen van bacteriologische of scheikundige verdelging.

    Ingewijden weten evenwel dat de Amerikaanse strategen vooral bevreesd zijn voor de militairnucleaire machtsopbouw van China en dat ze ook nog eens terugdenken aan Koude Oorlog-achtige toestanden, indien in Rusland een autoritaire en agressief bewind de dienst zou gaan uitmaken.

    * * *

    Persoonlijk lijkt mij een botte afwijzing van een eventueel Amerikaans-Europese samenwerking wat betreft de uitbouw van een doelmatig, gemeenschappelijk beschermingssysteem niet gemotiveerd en zelfs lichtzinnig. Vanzelfsprekend moet Europa zich hoeden voor een opportunistische benadering die erin zou bestaan andermaal te stellen : 'if you can't beat them, join them'. Maar men moet bedenken dat de strategische situatie in de wereld totaal veranderd is sedert de implosie van het communisme en de explosie van de Sovjet-Unie. De nucleaire wederzijdse afschrikking – MAD of mutual assured destruction - is inderdaad achterhaald. De proliferatie van atoomwapens en raketten op de planeet vormt een nieuwe bedreiging, zeker in hoofde van landen en staatsleiders die afdreiging en terrorisme tot hun beleidsprogram hebben verheven. Men kan bovendien moeilijk aan een verkozen en te herverkiezen president van de Verenigde Staten verwijten dat hij een op maat gesneden militaire bescherming aan zijn land en bevolking aanbiedt en weigert in te binden op verzoek van met name Europeanen, die niet eens in staat zijn hun eigen defensie doelmatig te organiseren. Het verzet van Europa tegen het Amerikaanse rakettenschild zou helemaal lachwekkend worden, als zou blijken dat Amerika en Rusland het op een akkoordje gooien en samen een beschermingsstrategie uitwerken, die ook zou leiden tot een nieuw ontwapeningsverdrag, dat in de plaats zou treden van o.m. het ABM-verdrag van 1972.

    In de zestien punten tellende agenda van het de Belgische voorzitterschap van de Europese Unie, door eerste minister Guy Verhofstadt zeer onlangs aan het parlement voorgelegd, wordt nergens allusie gemaakt op de een nieuwe post-Koude Oorlog-strategie en de relaties van Europa met Amerika en met Rusland in die context. Nochtans zou een gezamenlijke Europese houding, tot stand gebracht dankzij Belgische suggesties en geharmoniseerd dankzij Belgische verbeeldingskracht en diplomatie, van kapitaal belang zijn voor de wereldpolitiek. Vermits het Belgische voorzitterschap grote ambities koestert, zou het zich ook over deze essentiële kwestie kunnen buigen en terzake initiatieven nemen. Die als volgt zouden kunnen luiden.

    1/ De Amerikanen moeten ervan overtuigd worden dat zij er alle voordeel bij hebben hun NMD-plan te demonopoliseren en zowel de conceptie als de uitvoering ervan te delen met de Europese Unie. Dit houdt natuurlijk in dat er van Europese zijde bereidheid aanwezig is om de nodige budgettaire inspanningen op te brengen, ook al zou de Europese industrie deelachtig worden aan hoogtechnologische investeringen en bestellingen.

    2/ De veiligheid van Europa hangt natuurlijk af van zijn bondgenootschap met de VS maar ook van zijn goede, op wederzijds vertrouwen gebaseerde, relaties en samenwerking met Rusland. Traditioneel is Rusland allergisch aan pogingen vanwege andere landen om het te isoleren. Bijgevolg moet een nieuw concept van militaire bescherming worden uitgebreid tot Rusland en moet gestreefd worden naar een akkoord tussen Amerika, Europa en Rusland.

    3/ Het spreekt vanzelf dat de implicatie van Rusland in een gemeenschappelijk afschermings- en defensiesysteem, met gebruikmaking van de meest geavanceerde technologieën, ook Rusland sterk afhankelijk zou maken van zijn partners (en trouwens vice versa), zodat de facto een Amerikaans-Europees-Russische defensiegemeenschap zou ontstaan. Meteen zou ook de gruwelijk hypothese van een mogelijke oorlog binnen deze driehoek van landen worden uitgebannen.

    4/ Dergelijke politieke strategie zou moeten worden bekroond, geconsolideerd en gegrondvest op een Amerikaans-Europees-Russisch veiligheidspact, dat naar mijn gevoel in eerste instantie een Atlantisch-Russisch pakt zou moeten zijn, wat meteen ook zou betekenen dat de VS en de EU binnen de NAVO solidair zouden optreden.

    5/ Zulk een defensiestructuur zou het ook mogelijk maken - en dit is een belangrijk argument om de openbare opinie in onze landen te overtuigen - de huidige nog steeds aanzienlijke offensieve bewapening in de deelnemende landen zeer drastisch terug te schroeven en daardoor ook budgettaire middelen vrij te maken.

    6/ Tenslotte lijkt het evident dat een dergelijke aanpak de uitbreiding van de NAVO tot landen van Oost-Europa, die zich tot voor kort bevonden in de invloedssfeer van de Sovjet-Unie, voor het huidige Rusland aanvaardbaar zou worden, als dit grote land als volwaardige partner zou betrokken worden bij een gemeenschappelijk rakettenafweersysteem, een daarop aansluitend defensiesysteem en een overkoepelend veiligheidspact.

    7/ Het is juist dat bovenstaand concept zou leiden, althans in de perceptie van de landen van het Zuiden en het Verre Oosten, tot een defensiepact van het noordelijk halfrond en dus van het blanke ras. Met name tegenover China zal in woord en daad meer verzoenend moeten worden opgetreden, zal de integratie van dit land in de wereldeconomie meer moeten bevorderd en gepoogd worden, op een handige wijze, de democratische krachten in de volksrepubliek aan te moedigen. Er is nood aan een nieuwe China-politiek en wellicht kan de Europese Unie hier ook nuttige diensten bewijzen. En ten aanzien van het Zuiden is er maar een goed antwoord: structurele hulpverlening, overdracht van technologische kennis, bevordering van de democratie en de rechtsstaat, afbouw van westers protectionisme, integratie van die landen in de wereldeconomie door hen ook hiertoe voldoende kansen te geven (bijvoorbeeld door het - weliswaar conditioneel - wegwerken van hun kolossale schuldenlasten).

    Ondanks ontgoochelingen en mislukkingen moet het geloof in en de hoop op de verbeterbaarheid van internationale relaties, van mensen en dingen, de aansporing zijn voor al wie op het vlak van het buitenlands beleid in de nabije toekomst verantwoordelijkheden op dient te nemen

    Mark Eyskens

    Minister van Staat

    Voormalig eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken


    top

     

    INHOUD  

    1. Hertekening van de politieke landkaart.
      quo vadis CVP???????

      Een uittreksel uit Eyskens' jongste boek: 'Het verdriet van het werelddorp', uitgegeven bij het Davidsfonds.

    2. **    agendapunten voor een Belgisch buitenlands beleid.

      **    'Schild en vriend'. Hoe reageren op het Amerikaanse plan om een ruimteschild uit te bouwen????

    3. Tien jaar na de val van de Berlijnse muur. Herinneringen en ontroeringen

    4. Verkiezingsuitslag
      1. Waarschuwing
      2. Kiespijncampagne

    5. Standpunten
      1. Kosovo
      2. Een gewonde en gekwetste beer
     


    top